Verbetering van patiënt-gerapporteerde uitkomstmaten na behandeling van ernstig oncontroleerbare astma met tezepelumab

juli 2022 EAACI 2022 Wandana Nanhoe
Dr. David Jackson

Tezepelumab is een humaan monoklonaal antilichaam, dat de activiteit van het cytokine thymisch stromaal lymfopoëtine blokkeert. In een analyse van de fase III-studie NAVIGATOR werd bepaald welk deel van de studiepopulatie een zogenoemde ‘superrespons’ bereikte in patiënt-gerapporteerde uitkomsten van astmacontrole, astmasymptomen en gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven, en welke patiënten hun symptomen goed of gedeeltelijk onder controle konden krijgen na behandeling met tezepelumab vergeleken met placebo.

Patiënten met ernstig oncontroleerbare astma hebben vaak aanhoudende symptomen en een slechte gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven. Sommige van deze patiënten hebben baat bij behandeling met nieuwe middelen, waarbij er een significante verlichting van symptomen is. Tezepelumab is een humaan monoklonaal antilichaam, dat de activiteit van het cytokine thymisch stromaal lymfopoëtine (TSLP) blokkeert. TSLP komt vrij als respons op triggers van astma die in de lucht voorkomen, zoals allergenen, virussen en sigarettenrook. Het speelt een belangrijke rol bij de initiatie en het aanhouden van luchtweginfecties. In de fase III-studie NAVIGATOR werd aangetoond dat tezepelumab na 52 weken leidde tot een significante reductie van exacerbaties (56%, p<0,001) en een verbetering van de longfunctie, astmacontrole, gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven, astmasymptomen en minder ziekenhuisopnames vergeleken met placebo bij patiënten met ernstig oncontroleerbare astma.1

Tijdens EAACI 2022 presenteerde dr. David Jackson (Guy’s Severe Asthma Centre, Guy’s and St. Thomas’ NHS Foundation Trust, Londen, Verenigd Koninkrijk) een analyse van deze studie om te bepalen welk deel van de studiepopulatie een zogenoemde ‘superrespons’ bereikte in patiënt-gerapporteerde uitkomsten van astmacontrole, astmasymptomen en gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven, en welke patiënten hun symptomen goed of gedeeltelijk onder controle konden krijgen.2

Studieopzet

NAVIGATOR was een multicenter, gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie. Patiënten (12-80 jaar oud) die medium of hoge dosis inhalatiecorticosteroïden en minstens 1 additionele astma-controller met of zonder orale corticosteroïden gebruikten, werden 1:1 gerandomiseerd naar subcutane behandeling met 210 mg tezepelumab of placebo, elke 4 weken gedurende 52 weken. Het bereiken van een superrespons in patiënt-gerapporteerde uitkomsten was gedefinieerd als een verandering vanaf baseline van minstens 2 keer het minimum voor een klinisch waardevolle verandering (‘minimum clinically important difference’, MCID) op de Asthma Control Questionnaire 6 (ACQ-6), de Asthma Quality of Life Questionnaire (AQLQ[S]+12) voor patiënten van 12 jaar en ouder, de Asthma Symptom Diary (ASD) of de St George’s Respiratory Questionnaire (SGRQ). Tweemaal de MCID betekende bij de ACQ-6, AQLQ(S)+12 en ASD een scoreverschil van 1,0. Bij de SGRQ was het een verschil van 8,0. De ACQ-6-score werd ook gebruikt om het aandeel patiënten te bepalen, dat een goede beheersing (≤0,75) of een gedeeltelijke beheersing (>0,75 tot <1,5) van astmasymptomen bereikte.

Resultaten

In totaal kregen 528 patiënten tezepelumab en 531 placebo. Meer met tezepelumab behandelde patiënten (72,6%) bereikten tweemaal de MCID op week 52 voor de ACQ-6-score vergeleken met placebo (59,7%). Datzelfde gold voor de AQLQ(S)+12-score (respectievelijk 64,2% versus 52,5%), de wekelijkse gemiddelde ASD-score (31,8% versus 26,6%) en de SGRQ-totaalscore (75,3% versus 62,5%). Dit werd ook gezien als werd gekeken naar de resultaten van het eerste meetmoment (zie Figuur 1). Gedurende 52 weken had een groter deel van patiënten die tezepelumab kregen een goede of gedeeltelijke beheersing van hun astmasymptomen vergeleken met patiënten die placebo kregen. De superresponders die minstens 2 keer MCID behaalden volgens de ASQ-6- en de SGRQ-score, hadden een hoger totaal serum IgE, een hoger aantal eosinofielen in het bloed, meer stikstofmonoxide in de uitgeademde lucht en meer neuspoliepen vergeleken met patiënten die dit niet bereikten.

FIGUUR 1. Percentage patiënten dat tweemaal het minimum voor een klinisch waardevolle verandering (‘minimum clinically important difference’, MCID) bereikte op patiënt-gerapporteerde uitkomsten na behandeling met tezepelumab of placebo.

Conclusie

Na behandeling met tezepelumab bereikte een groter deel van de patiënten vroege en aanhoudende klinisch waardevolle verbeteringen van patiënt-gerapporteerde uitkomstmaten van astmacontrole, astmasymptomen en gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven vergeleken met placebo. Deze bevindingen ondersteunen de eerder aangetoonde effectiviteit van tezepelumab bij patiënten met ernstig oncontroleerbare astma.

Referenties

  1. Menzies-Gow A, Corren J, Bourdin A, et al. Tezepelumab in Adults and Adolescents with Severe, Uncontrolled Asthma. N Engl J Med 2021;384(19):1800-09.
  2. Jackson D. The proportions of tezepelumab-treated patients with severe, uncontrolled asthma who achieved twice the minimum clinically important difference in patient-reported outcome measures in the phase 3 NAVIGATOR study. Gepresenteerd tijdens EAACI 2022; abstract 000575.

X